Ondernemers aan het woord

Drie ondernemers die betrokken zijn bij ontwikkelingssamenwerking en lid zijn van het ondernemersplatform van Red een Kind hebben een reis gemaakt langs projecten in Kenia.

Sicco Ritsema

Mede-eigenaar van De Jong en Laan Accountants, vestiging Dedemsvaart: “Ontwikkelingssamenwerking is maatwerk!”
“Wat ik op mijn reizen langs ontwikkelingsprojecten ontdekt heb, is dat ontwikkelingssamenwerking zeer complex is. Wij steunen een aantal individuele projecten, dus het onderwerp heeft mijn interesse, en omdat ik ook ondernemer ben, wilde ik mee met de Kenia-reis voor ondernemers van Red een Kind. Geen enkel project was gelijk: de mensen, de samenstelling, de manier van opereren, het effect, het is allemaal verschillend. De zorgvraag is dus ook heel divers en dat betekent dat de bemoeienis van Red een Kind ook telkens anders is. Ontwikkelingssamenwerking is maatwerk!

We hebben ondermeer het opleidingsproject in de sloppenwijk van Nairobi gezien, waar kansarme jongeren worden opgeleid tot computerdeskundige, econoom of coupeuse, maar we hebben ook Mama Florence ontmoet, een vrouw die een weeshuis met 250 kinderen runt. En een Nederlandse ondernemer die met de plaatselijke boeren een plantplan was overeengekomen, waardoor hun boontjes en erwtjes nu in de Nederlandse supermarkten liggen. We hebben ook een geitenproject bezocht. De eigenaars van de geiten vormden een coöperatie en spaarden voor de aankoop van geiten. Met de verkoop van enkele geiten konden ze een koe kopen en als ze die hadden, was er weer geld om een kind naar school te laten gaan. Dus ontwikkelingssamenwerking is niet zinloos: je helpt mensen vooruit. Natuurlijk maak je mensen soms ook afhankelijk. Maar dat ontslaat  mij niet van mijn opdracht als christen om mijn overvloed te delen met anderen. Bovendien kun je ervoor zorgen dat mensen een prikkel krijgen om zelf initiatief te nemen en zelf vooruit te komen. Dat doet Red een Kind.”


Gerrit-Jan Vrieling

Mede-eigenaar van Vrieling Adviesgroep, Dedemsvaart: “hulp is wel degelijk nodig, maar moet mensen onafhankelijk maken.”
“Die school aan de rand van de sloppenwijk van Nairobi heeft op mij veel indruk gemaakt. Op een stukje van nog geen drie vierkante kilometer wonen twee miljoen mensen in vreselijke omstandigheden. Maar het Nairobi Training Centre biedt zevenhonderd kansarme jongeren per jaar een mogelijkheid om uit de misère te komen. Puur geld geven aan de armen helpt niet, maar een opleiding bieden zodat ze een baan vinden en op eigen kracht verder kunnen, heeft wel zin. Deze school is vorig jaar geheel vernieuwd en dit jaar willen wij (mijn broer en ik) ondernemers in Hardenberg en Dedemsvaart motiveren de school te adopteren. Want als je een financiële toezegging doet voor vijf jaar, dan heeft die school een goede basis om op voort te bouwen. Behalve motiveren en doneren kan het ook nuttig zijn om erheen te gaan om praktische hulp te bieden. We zagen daar bijvoorbeeld mensen bezig in de houtbewerking en wisten: zo moet het niet. Een Nederlandse aannemer kan ter plaatse goede adviezen geven over gereedschappen of technieken. Dus ontwikkelingshulp is wel degelijk nodig, zolang die erop gericht is mensen onafhankelijk te maken. Dertig jaar geleden kwam de toenmalige voorzitter van Red een Kind bij ons om een auto van een medewerker te laten verzekeren, ‘met de laagst mogelijke premie, want het is voor Red een Kind’. Hij legde uit wat Red een Kind was en dat was het begin van onze betrokkenheid bij ontwikkelingssamenwerking. Als Vrieling Adviesgroep hebben we een keus moeten maken in projecten die we sponsoren, want er zijn zoveel goede doelen die bij ons aankloppen. Wij kiezen voor de meest kansarmen, voor mensen die het anders gewoon niet zouden redden.”


Egbert Jan Rots

Bouwondernemer Rots Bouw, Aalten: “Wij zagen daar hoop en goed ondernemerschap.”
“Ik vind dat er goede redenen zijn om ontwikkelingshulp te geven. Zolang de rijkdom zo ongelijk verdeeld is in de wereld moet je als christen streven naar een beter evenwicht en daar ook actief aan bijdragen. Het delen van onze rijkdom is ook goed voor onszelf. Mensen kunnen elkaar helpen om zelfstandig te worden. Kennis en vaardigheden zijn minstens zo belangrijk als middelen. Het is de kunst om zo te helpen dat de derde wereld juist minder afhankelijk wordt. Ondernemerschap, handel, praktisch vakmanschap –timmeren en metselen- het draagt er allemaal toe bij dat mensen zelfstandig worden. Wat soms nog wel ontbreekt, is creativiteit om ook echt nieuwe dingen te ondernemen. Op onze reis met Red een Kind naar Kenia hebben we gezien dat er veel aandacht is voor het onafhankelijk maken van kinderen.

Er wordt geld geïnvesteerd, zodat zij een vak kunnen leren en hun familie blijvend kunnen onderhouden. Dat maakt ontwikkelingshulp op de lange duur overbodig. Op mij maakte de meeste indruk een groep kinderen in de sloppenwijk die foto’s hadden gemaakt van hun eigen leven en van rellen die in Nairobi waren geweest. Ze hadden ze opgestuurd naar grote internationale persbureaus. Met het geld dat ze daarvoor ontvingen, hebben ze betere camera’s gekocht en een film gemaakt over hun eigen leven. Die film vertoonden ze aan belangstellenden in een zelfgebouwd bioscoopje. Dat is creatief en ondernemend! Als je dat ziet, ben je niet getuige van zieligheid, maar van hoop en goed ondernemerschap.” *

*De documentaire is te zien op www.mwelu.org